woensdag 11 december 2013

Guest blog: If you give your mom a horse

Circle story by J. Wolters

The author
If you give your mom a horse, she will probably ask for some hay to feed the horse. When your mom feeds the horse she will probably feel its tongue on her hands and get scared. She will scream and throw the hay in the air. And the horse will get so dirty, she will ask for some water and soap to wash the horse. While she washes the horse, it will remind her that she needs to wash the cows. While she washes the cows, she will probably hear the chickens clocking nearby. That will remind her that she needs to give them seeds. When she finished feeding the chickens she will see the apple tree, a real Johnny Appleseed tree, in the orchard. Feeding and washing the animals will make her hungry. When she tries to grab an apple it may fall in the grass. The grass will remind her of hay. She will ask for a bundle of hay. And chances are when you give her the hay, she will ask for her horse to feed it.

maandag 2 december 2013

Sit daun!!!


"Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend." Dat zal mij niet gebeuren, moet de mevrouw van de Eerste Hulp hebben gedacht. Tenzij de Praagse definitie van 'vriendelijkheid' gewoon anders is dan de Nederlandse, dat kan. Ze keek stuurser dan stuurs. Ach ja het is ook vast niet goed voor je humeur, als je de hele dag mensen te woord moet staan die ongemakkelijk gebogen hun gezicht in een kattenluikje voor je bureau proberen te passen. Komt er ook nog zo'n irritante expat die maar drie woorden Tsjechisch spreekt...

Het begon allemaal toen ik onverwachts voor een mevrouw medicijnen moest halen. Het zou nog twee dagen duren voor de dame in kwestie weer bij de dokter op controle moest, en ze had die medicijnen beslist nodig. Ze belde met de bewuste dokter voor een recept en vroeg ze mij mocht sturen. Dat mocht gelukkig.  De beste man werkte die dag op de Eerste Hulp en ik moest binnen het uur langs komen, want daarna zou hij weg zijn. Dat ging ik met de tram allemaal niet meer redden, dus bestelde ik een taxi. Ik ga nooit met de taxi, maar ik ben altijd in voor nieuwe ervaringen.  De taxichauffeur sprak helaas geen Engels, dus gedurende de rit zwegen wij stil. Totdat we halverwege ergens vast stonden. Toen werd het wel wat ongemakkelijk. Het was in een straat met prachtige oude gebouwen. En recht voor me uit zag ik de heuvels oprijzen. Dus ik maakte in mijn beste Tsjechisch een opmerking over het mooie uitzicht dat voor ons lag. Tenminste, dat denk ik. Het effect was immens! De taxikář kwam tot leven, schokte overeind en barstte los. Ik weet niet waarover, maar hij was heel enthousiast. Dus ik lachte blij en humde instemmend. De tweede helft van de rit was aanzienlijk gezelliger. Toen hij uitgerateld was heb ik zowaar nog even wat Tsjechisch op hem kunnen botvieren. We hadden iets, wat weghad van een gesprek.
Inmiddels waren we bij het universiteitsziekenhuis aangekomen. De chauffeur vroeg bij welke pohotovost ik zijn moest. Niemand had me verteld dat er meerdere afdelingen Eerste Hulp waren, dus op die vraag was ik niet voorbereid en ik wist ook niet wat in het Tsjechisch gebroken been was. Maar ik ben na een half jaar stoethaspelen, vergevorderd in "uitbeelden", verder dan in Tsjechisch in ieder geval. Ik wees dus op mijn been, en brak het denkbeeldig doormidden met een gepijnigde blik. Dat was genoeg info voor de chauffeur en ik zo arriveerde ik op de juiste bestemming. Ik wist eigenlijk niet hoe het zat met fooien en taxichauffeurs. Maar na betaling keek hij nog steeds blij. Dus die taal sprak ik in ieder geval goed.

Afwachtend schoof ik de pohotovost binnen, en daar wachtte me de volgende uitdaging. Dokter K. was van tevoren op de hoogte gebracht, dat ik langs zou komen voor een recept voor mevrouw S. Maar wist de receptioniste dat ook? Overduidelijk niet, zo bleek. Er was een klein vierkant raampje op borsthoogte. Ik stond dus half gebogen, om mijn gezicht voor het raampje te krijgen, om vervolgens toch weer omhoog te moeten kijken, want de receptioniste stond! Heel ongemakkelijk praten, vooral als je eigenlijk ook je handen nodig hebt. Engels sprak ook zij niet, en erg geduldig was ze zéker niet. Dus ik haalde mijn Tsjechisch maar weer van stal. Ik legde zo goed mogelijk uit waar ik voor kwam. "Nee, tis niet voor mij. Ik ben gezond, kijk maar." Ik vertelde dat ik voor mevrouw S. kwam die haar enkel gebroken had en dus zelf niet kon kon komen. En dat dokter K. wist dat ik zou komen. Ik overhandigde een papier met gegevens. Pani receptioniste fietste door een kaartenbak heen en wees vervolgens met priemende vinger naar de woensdag. "Kontrola!!" Ja ja, dat snapte ik allemaal. Ik ben ook niet dom, dus éénwoordzinnen zijn niet nodig. Het ging ook niet om de controle, nee ik moet gewoon een briefje voor de apotheek. "Vraagt u maar aan dokter K." Ze deed het warempel nog ook! Na een poosje kwam ze weer terug. "Kontrola doktor K.!!!" Ze kon blijkbaar alleen in uitroeptekens spreken. De moed zonk me een beetje in de schoenen. Moest ik nu weer opnieuw beginnen? Maar nee, toch niet. Pani receptioniste had nieuws. Ze beet me hartelijk toe:"Sit daun!!" Ik deinsde een beetje terug. Ok ok, prima, zit ik wel "daun".

Daar zat ik dan. De uitkomst van de exercitie was voor mijn gevoel nog steeds onzeker, maar ik hoopte er maar het beste van. We hebben al wel verschillende afspraken gehad her en der, en ik wist dat wachten hier lang kan duren. Een snelle scan van mijn naaste omgeving leerde me dat iedereen daar beter op voorbereid was dan ik. De meeste mensen zaten te lezen of te swipen, behalve twee mensen die op een brancard lagen te doezelen. Maar geen nood, er was genoeg te zien. De verpleegsters liepen in blauwe mini-jurken met witte kniekousen. Dat was genoeg om me de eerste vijf minuten over te verbazen. Ik zou het niet aandurven. Verder schuifelden er wat patiënten rond. Een mevrouw met een fluoriscerend geel vest op een roze bloemetjesbroek. En een oudere dame in een nachthemd met daaronder zwarte kniekousen met witte doodshoofden. En nog zo wat interessante verschijningen. Ondertussen hoopte ik maar dat ik het allemaal goed had begrepen, en er niet na anderhalf uur achter zou komen dat ik voor niks had zitten wachten. Na een uurtje van zo'n 30 minuten kreeg ik eindelijk mijn felbegeerde papiertje en kon ik naar de apotheek. De meneer achter de balie aldaar, sprak tot mijn opluchting Engels en binnen vijf minuten stond ik weer buiten met twee dozen injecties. 'Operatie medicatie' geslaagd!!




donderdag 28 november 2013

Complimentjesverzadigingspunt

Deze week waren er parent/teacher conferences op school. Oftewel "tienminutengesprekken". Dat is altijd belangrijk en interessant. Maar deze keer vonden we dat extra leuk. Het was voor het eerst op deze school. En hoewel we wel wisten dat de kinderen hard werken, waren we wel benieuwd hoe ze zich er in de klas doorsloegen. Toch een heel andere setting dan ze gewend waren, en in het Engels. Het waren leerzame gesprekken en we hoorden veel goeie dingen. Zo is het ene kind erg goed in het communiceren van gevoelens (I don't like writing miss R.!!!!) en het andere kind blijkt talent te hebben voor verhalen vertellen. En beiden doen ze erg goed hun best en gedragen ze zich netjes. Wat willen ouders nou liever dan kinderen die met plezier naar school gaan en die ook nog ijverig zijn! Kortom, tijd voor moeder om es wat pluimen uit te delen. En dat deed ik.

De wijze waarop de schouderklopjes in ontvangst werden genomen verschilden nogal per kind. Het ene kind werd er oprecht blij van en keek zo:


En het andere kind slaakte een diepe zucht en keek zo:


Dat laatste riep wat vragen op. En dus kwam er een boeiend gesprek op gang.

"Wat is er? Ben je het me oneens? Word je niet blij van een compliment?"
"(zucht) Ja nou ik hoor zo vaak complimenten!!"
"Huh? Wat is daar mis mee dan?"
"Nou ik moet de heeele dag horen (zet overdreven stem op met vet Amerikaans accent): "Goooood joooob!!", "Well done!!" en "You're sooo good at this!!"
"Wie zeggen dat dan allemaal?" 
"Minstens vijf keer per dag miss A. En dan nog miss B. En op woensdag, donderdag en vrijdag ook nog miss C."
"Ok, en wat is dan precies je probleem?"
"Jaaaa, zoveel complimentjes dat neemt toch niemand meer serieus??? Wat is er nou nog bijzonder aan een complimentje als je ze de hele dag krijgt?!"
"Hoe reageer je dan?"
"Nou, in september zei ik nog "thank you", maar nu zucht ik."

Daar moest ik wel even over nadenken. Dat je een kind te weinig complimentjes kunt geven was me duidelijk. Maar teveel, daar had ik nooit zo over nagedacht. Blijkbaar moet je ook complimentjes zorgvuldig doseren, om waardevermindering te voorkomen. Als iets niet waardevol is, werkt het ook niet stimulerend. 

We hebben er nog even over doorgepraat. Ik heb het maar op cultuurverschil gegooid. Dat is gewoon toch het makkelijkst. En ik denk ook dat het zo is. Onlangs zei iemand tegen me: "Wij Nederlanders, trekken meteen onze portemonnee als we zomaar een compliment krijgen. Want dan motte ze vast iets van ons." 
En als dat waar is, dan is het geen wonder dat mijn kind er de kriebels van krijgt! Want after all, zijn we nog steeds Nederlanders!!






zaterdag 16 november 2013

Dankbaar alsof het niets is.

Trendwatcher ben ik niet, maar toch valt me de laatste tijd wel iets op. Iedereen is maar dankbaar alsof het niets is! Veel van de positieve facebook of twitter posts worden afgesloten met #dankbaar. Mooi toch, zou je denken. Waar vind je dat nog. “Dankbaarheid is een bloem die in weinig tuintjes bloeit”, las ik ergens.  Ja ware dankbaarheid is een groot goed. Ik ben dan ook helemaal vóór. Maar door het veelvuldige gebruik ervan in de sociale media, bekruipt me soms de vrees dat ‘dankbaarheid’ een beetje aan het devalueren is. We zijn dankbaar voor van alles. Een bloemlezing van facebook: Mooi weer, familie, vrienden, postpakketjes, tevreden klanten, huwelijksjubilea, mooie concerten enzovoort. Dat zijn in zichzelf heus allemaal zaken waar je je dankbaar bij kunt voelen. Dank er dus ook maar voor. Maar ik vraag me wel af waar al die publíéke dankbaarheid ineens vandaan komt. Zetten we het er elke keer weer bewust achter, of tegenwoordig misschien soms ook al wel onbewust? Zijn we bang als ‘echte christen’ niet serieus genomen te worden als we niet achter ál onze blije statusupdates #dankbaar plakken? Ik beken schuld. Ik delete soms ook nog even snel #dankbaar voordat ik een post de wereld inzend. 

Maar wáárom willen we eigenlijk aan honderden mensen laten zien hoe dankbaar we zijn?  En wat drukt het precies uit? Dankbaarheid heeft altijd een adres. Maar dat zetten we er toch meestal niet bij. Dat blijft wat vaag. Het móét haast wel dat we God dankbaar zijn. Want het zijn toch meest christenen die hun dankbaarheid hash taggen.

En dan is er nóg iets interessants aan het publiek uiten van onze dankbaarheid. Want wat betekent het eigenlijk om dankbaar te zijn? Dankbaar ‘ben’je. Dankbaarheid of ‘dankbaar zijn’ is een levenshouding en dus eigenlijk, als het goed is niet aan specifieke situaties gebonden. Dus waarom dan niet: ”Mijn fiets is gejat #dankbaar.”?  Of: “Alweer afgewezen bij een sollicitatie #dankbaar.”? Dat heb ik nog niet  voorbij zien komen op mijn timeline. Tuurlijk, de hoeveelheid dankbaarheid  die we voelen, fluctueert  wel eens. Maar het is een levenshouding, net als bescheidenheid en nederigheid. En hier doet zich iets vreemds voor. Ik zie werkelijk waar nooit iemand posten: “Vandaag weer een kerk geplant #nederig #bescheiden”. Echt helemaal nooit! Maar waarom niet? Waarom “pronken” we niet met onze nederigheid en bescheidenheid, zo wij die bezitten, maar wél met onze dankbaarheid?! Wat is eigenlijk precies het verschil daartussen? Ik weet het niet in ieder geval.

Dankbaar ‘ben’ je. Het is niet iets wat je ‘doet’. Het vereist dus nog een daad, om daar uiting aan te geven. Dat kun je inderdaad doen door het te twitteren of te facebooken. Je kunt het ook doen door, ja, door gewoon te danken! Misschien wel zo terecht, om onze dankbaarheid vooral direct te adresseren, in minder indirect. Ik pleit dus niet voor afschaffing van dankbaarheid. Integendeel. Maar misschien is het iets wat we juist (nog) meer moeten gaan zíjn, en minder moeten publiceren.



zaterdag 9 november 2013

Marta en de Praagse bolus.

Marta's stinkstraatje

In de straat loopt een vrouw. Ze heet waarschijnlijk Martha, want ze bezemt. Ze is een kleine vrouw met donker krulhaar. Er ontbreken een paar tanden in haar mond, maar dat geeft niet want er zijn er nog genoeg over om bloot te lachen als dat zo es te pas mocht komen. Trouwens, zoveel reden om te lachen is er tóch niet. Ze woont in Vinohrady. Dat is een van de rijkste wijken van Praag, maar dat zou je niet denken als je door het straatje van Marta loopt. Het is een stinkstraatje. De mensen in Praag houden van honden. Grote honden in kleine appartementen. Die honden ziet ze vaak uitgelaten worden door hun bazen. Gewoon in de straat. Ze moet vaak slalommen om de hondendrollen. Bolussen in alle maten. En de stoep is doorgaans versierd met een patroon van evenwijdige streepjes opgedroogde urine. Vooral in de zomer als het warm is, is Marta niet blij. Want dan stijgen er geuren op van de streepjes. Maar na een regenbui zijn de streepjes altijd weer een tijdje weg. Nee regen is zo erg nog niet. Ondertussen smijten mensen ook van alles op de straat. Papiertjes, zakjes, plastic flesjes en nog veel meer. En dat veegt Marta nu bij elkaar. Nee dat is allemaal niet om te lachen.

Daar ziet Marta een vrouw aankomen, die bij haar in de straat woont. De vrouw houdt haar blik op de stoep gericht. Aan het veranderen van haar gelaatsuitdrukking kan Marta zien, dat de vrouw de enorme drol heeft gesignaleerd, die er sinds vanmorgen ligt.  Ze loopt er met een wijde boog omheen. Marta roept haar toe: “Wat smerig toch weer hè?! Die wil ik niet aan mijn bezem hebben!” De vrouw kijkt haar schaapachtig aan. En een seconde later begrijpt Marta waarom. De vrouw is niet van hier. Ze verstaat geen Tsjechisch. Nu ze erover nadenkt, heeft ze die vrouw ook wel eens zien zitten in een auto met een gele nummerplaat. De vrouw lacht naar haar. Ze bedankt Marta in gebroken Tsjechisch voor het vegen van de straat. Dat begreep Marta er wel uit en een brede grijns kwam op haar gezicht. Ze veegde glimlachend verder. Toen de vrouw bij de hoek van de straat nog even omkeek, zag ze het nog net. Met een grote glimlach wurmde Marta al het bij elkaar geveegde plastic vuilnis door de spijlen van het afvoerputje. Zo. Ook weer geregeld.

En die drol? Die ligt er nog wel een tijdje. Hij verschrompelt elke dag een beetje meer. En na elke regenbui groeit hij weer wat….

maandag 4 november 2013

Als je twee jassen hebt, geef er dan eentje weg.

Het grote houten huis.

Het is zondagochtend en we staan voor het raam in de keuken. Het is nog redelijk vroeg. We wonen vijf hoog en kunnen onze straat uit het raam niet zien. Wel zien we de schuin aflopende, hoger gelegen tuin aan de overkant van de straat. In de tuin naast die tegenover onze flat, staat een groot, heel groot, houten huis. Het is erg vervallen, maar het lijkt erop dat het toch tot de nok bewoond is. Er hangt was aan de lijn, in die tuin. Die waslijn is voor ons onzichtbaar, want er staat een boom voor. Maar we weten dat er was hangt, want een daar rondsluipende man haalt het er, voor onze ogen, hulpvaardig af. Aardig, toch? Scheelt werk voor de eigenaar. O wacht, de gedienstige gast neemt het wasgoed mee. Misschien toch andere motieven om de was af te halen. 


We snappen het wel. De man ziet er nooddruftig uit. Hij draagt een broek die veel te groot is en een dito trui, maar geen jas. Het is koud en hij heeft een winterjack nodig. Er hangt er daar eentje aan de lijn en 1+1= nog steeds 2. De man loopt met de zich wederrechtelijk toegeëigende jas die tuin weer uit, naar de tuin ernaast. Hij gedraagt zich alsof hij zich onbespied waant, hoewel er toch heel wat ramen in zijn rug prikken. Ter hoogte van ons huis probeert hij de jas aan te trekken. Rechterarm in de mouw, en daarna de linker. Rechterarm lukt. Maar helaas, de linkerarm vervolgens niet meer. Hij probeert het opnieuw. Nu eerste de linkerarm en dan de rechter. En nee het past toch echt niet. Inschattingsfoutje.

Pashokje
Wat een sof voor hem. Steekt hij zijn nek uit voor een jas, allemaal voor niets! Teleurgesteld smijt hij de jas in het kale struikgewas en gaat er vandoor.
Op zoek naar een andere gevulde waslijn? Dat is vast lastig, want wie laat er nou ’s nachts de was buiten hangen in november.





Ik werd er droevig van. De man zag er overduidelijk uit alsof hij een jas nodig had. En blijkbaar was jatten de enige manier om dat te regelen. Ik had hem er wel eentje willen brengen. Maar Willem Elsschot zei het al:

“Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren.”

 Die wetten zag ik niet zo, maar de praktische bezwaren des te meer. Want behalve een jas, had ik ook nog altijd een communicatieprobleem, zoals Leendert me liefdevol hielp herinneren. Plus dat de tuin wel lager ligt dan ons appartement, maar nog altijd veel  hóger dan de straat. En dáár kwam dan nog bij dat de man tegen die tijd dat ik beneden zou zijn geweest, allang verdwenen was. Ja, ik weet dat er niet veel was dat ik kon doen. Ik weet ook dat als ik wél een jas had kunnen geven, het echt niet de oplossing van zijn problemen zou zijn geweest. Maar toch, die man heeft het nu misschien nog steeds koud, en daar krijg ík het ongemakkelijk warm van.

donderdag 24 oktober 2013

Appeltaart met appel. Huh?

Eén keer in de week hebben onze kinderen de onuitsprekelijke mazzel dat ze warme lunch mogen eten in de jidelna op school. Dat voorrecht hebben ze, omdat ze dan een heel lange dag moeten doorkomen. Iedere dinsdag haal ik de kinderen om tien voor drie uit de klas, ipv half vier. Dat heeft dan nog wel wat voeten in aarde omdat ze dan eerst hun binnenschoenen moeten verwisselen voor buitenschoenen. Maar rond drie uur rennen we dan de school uit en spurten we naar de metro. De metro voert ons naar station Kačerov alwaar we bus 215 nemen naar Sídliště Libuš. Daar, aan de rand van Praag, staat de English International School of Prague. In die school bevinden zich een paar lokalen, die gehuurd worden door de stichting "Nederlands Onderwijs in het Buitenland". Als we geluk hebben (hebben we niet vaak) zijn we daar dan om half vier. Dan begint namelijk de Nederlandse les. Die les duurt 2,5 uur en om zes uur halen we onze bloedjes vervolgens weer op. Rond zeven uur zijn we dan ein-de-lijk thuis. Om onszelf de sores van een uitgebreide warme maaltijd om zeven uur te besparen mogen de kinderen dus warme lunch tussen de middag. Dan hoeven we ’s avonds alleen nog brood of iets anders simpels. Net als de echte Tsjechen.


Daags tevoren check ik het menu van die bewuste dinsdag, zodat ik een beetje idee heb van wat de kinderen binnenkrijgen. Die menu’s zijn in het Tsjechisch, dus ik kom er niet altijd even goed uit. Zo aten de kinderen onlangs žemlovka s jablky . In welke vertaalmachine ik het ook gooide, de uitkomst bleef ‘appeltaart met appels’. Nog afgezien van het feit dat ik de nieuwswaarde van de toevoeging “met appels” niet snapte, kreeg ik ook kortsluiting in mijn hoofd van het idee dat dat de lunch zou zijn. De week ervoor was het namelijk nog aardappelpuree met vissticks en komkommer. En de lunch is de belangrijkste maaltijd voor de meeste Tsjechen. Dus appeltaart, dat kan niet waar zijn! Ik hoopte maar dat ik het gewoon verkeerd begrepen had en de kinderen achteraf tóch iets gezonds zouden blijken te hebben gegeten. Toen ik hen die dag ophaalde en vroeg wat ze voor lunch hadden gegeten wierpen ze me synchroon een glorieuze blik toe en trompetterden in koor: “Appeltaart!!!”


Het is me weer duidelijk waarom warme schoollunch van ons slechts eens per week mag……

maandag 7 oktober 2013

Stadsolifanten op het spoor.

Stadsolifanten hebben ze hier. Hele mooie, wit met blauw. En ze verplaatsen zich over de rails. Waarom ze 'city elefant' heten weet ik niet. Ze lijken niet op olifanten, en ze rijden ook in dorpjes. Maar prima treinen om een paar uur in door te brengen.


De spoorwegen blijven me wel verbazen. Ten eerste, het lijkt hier gewoon allemaal te werken volgens dienstregeling. Ik kan me ook vergissen natuurlijk, zo heel vaak heb ik nog niet met de trein gereisd. Maar tot nu toe klopte het altijd. We moeten er gewoon van glunderen af en toe. "Alwéér op tijd vertrokken!" Het is comfortabel reizen en we vinden het allevier erg leuk om te treinen. En als kers op de taart, is het ook nog es goedkoop!

Ten tweede het spoor zelf. In het Nederlandse openbaar vervoer is zo ongeveer de ergste overtreding die je kunt begaan, de rails oversteken, anders dan bij een spoorwegovergang. Ik zou het tenminste niet in mijn hoofd halen. Nee, ook niet op station Lunteren. Van alleen de gedachte al, kijk ik schuw om me heen of niemand het heeft gemerkt. Maar er zijn vast wel Nederlandse snoodaards die het tóch doen.

Hier in CZ kan het gebeuren dat als de trein aankomt die je hebben moet, je eerst nog even het tussenliggende spoor moet oversteken, alvorens je jezelf naar binnen kunt takelen. En waarom? Geen idee. Het lijkt soms geen andere reden te hebben dan dat de wissel toevallig niet om was gezet. Ik vond het toch een gek gevoel om de kinderen het spoor op te duwen.

Afgelopen zaterdag wachtten we op de trein in Srbsko (ja probeer het maar gewoon, het is niet al te moeilijk), en daar ploegde iedereen onbekommerd het spoor over naar het perron aan de overkant. Niemand leek zich er echt zorgen over te maken dattie platgejakkerd kon worden. Dat er speciaal voor het oversteken een tunnel was aangelegd, maakte ook al niets uit. Sterker nog, de meesten staken over ter hóógte van de tunnel, maar dan gewoon bovengronds. Best grappig eigenlijk. En wat zijn wij Nederlanders toch braaf!! Lag die tunnel er tenminste niet helemáál voor niets. Benieuwd wat we over een jaar doen.

dinsdag 1 oktober 2013

Marsman 2.0

Herinnering aan Holland

Denkend aan Holland
zie ik brede fietspaden
kronkelend door groen
Amersfoort gaan.
Vlokken, in ondenkbare
variaties, en hagelslag
bij de Appie, lonkend
op de schappen staan.
En in geweldige
winkelcentra verzonken
de Hema’s
verspreid door het land.
Hollandse rookworsten
en Goudse kaas.
speculaas en stroopwafels 
in een boodschappenmand.
Veel gefiets en veel geklaag,
maar het pessimisme wordt er langzaam
in zwarte geurige
koffie gesmoord.
En in alle gewesten
wordt de hoop
op mooi weer, regelmatig
de grond in geboord.

donderdag 19 september 2013

Voor mijn Venz

Zaterdag komt er werkbezoek uit Nederland. Nou dat had ook geen dág langer moeten duren, want de pure hagelslag is op. De laatste korrel was uit het pak gewróngen en bedroefd deponeerde ik het gekreukelde karton dat restte in de oud papierdoos. Er is nog wel melk hagelslag. Dus de kinderen zijn nog altijd blij. Maar ik?
Het dagelijks leven is, bestrooid met pure hagelslag gewoon net een beetje fijner. Vind ik. En het is ook nog gezond. Genoeg reden dus om dat dagelijks op je brood te willen.


De dagen na het droevige einde van de pure hagelslagvoorraad, smeerde ik chagrijnig chocopasta op mijn brood. Maar zeg nou zelf, chocopasta kan in de verste verte niet tippen aan pure hagelslag!! Gelukkig hadden we ons vertrek in Nederland goed voorbereid. We hadden een voorraadje van het zwarte goud meegenomen in een verhuisdoos. Later is dat liefderijk aangevuld door een "courier" uit NL. Maar ja het houdt gewoon een keer op. Dus nu  doen we het node zonder. Maar we zijn toch zo Nederlands!! Ook al vinden buitenlanders onze hagelslagconsumptie hilarisch (zie hier), ik mis het spul gewoon zo!!!!
Ja zo gaat dat als cultural shock zich aandient. Dan blijken dingen die eigenlijk niet belangrijk zijn, dat ineens wel te zijn.

Een verblijf in het buitenland heeft trouwens sowieso een vreemde invloed op wat je wilt eten. Toen we in Engeland waren, begin dit jaar, gingen Leendert en ik een keer wandelen. Gezellig, met zijn tweeën op de modderige paden rond All Nations. Leendert viste halverwege drop uit zijn zak en ik, die in Nederland vrijwel nooit drop at, besloot dat ik er ook eentje wilde. Ik pakte het dropje aan, en op hetzelfde moment voelde ik mijn voet wegglijden in de modder. Ik dacht: Mijn dropje!!! Flats, op mijn buik in de prut. Ik opende mijn hand en constateerde tevreden dat mijn dropje schoon en ongeschonden was. De rest was niet belangrijk.

Gelukkig zijn er ook Nederlandse dingen die ik niet zo mis. Kroketten? Kaas? Stroopwafels? Geen probleem dat we die hier niet hebben. Maar hagelslag?? Hoe overleeft een mens toch zonder hagelslag?!!!!
Nog twee nachtjes slapen.....

zaterdag 14 september 2013

De onschuld voorbij?


“Als je veel bier drinkt en praat van ‘wawawawawa’.” Dat was Chaja’s  geheel zelfstandig ontworpen definitie van dronkenschap, op basis van haar eigen waarneming. Ik vond het nogal confronterend om zo’n accurate omschrijving uit de mond te horen rollen van een toen nog 5-jarige. Gezien de bierconsumptie hier, had het niet verrassend hoeven zijn. Per hoofd van de bevolking drinkt men 131 liter per jaar. Dat is dus inclusief babies en kinderen, die nog geen drup drinken. Daar gaan we maar even van uit tenminste. Dus het gemiddelde per volwassene ligt hoger dan 131 liter bier per jaar. Het is dan ook niet te vermijden  dat je hier zo nu en dan zwalkende en lallende mensen  tegenkomt.

Verdrietig is het wel. En we moeten ook steeds een hoop uitleggen over de dingen die we hier op straat zien. “Hoe komt het dat je raar gaat praten en schreeuwen van veel bier?” “En waarom waggel je dan?” Onlangs zagen we vlak onder onze neus een man die zichzelf intraveneus een volgend shot drugs toediende, in zijn been.  Begint het riedeltje weer van voren af aan: “Waarom doet die meneer dat?” “Wat gebeurt er dan in je lijf?” “En als het niet goed voor hem is kan hij het toch maar beter níét doen?” Vooral dat laatste sneed me een beetje door mijn hart. Ja lieverd, túúrlijk kun je dingen die slecht voor je zijn beter laten! Lag het allemaal maar zo simpel, dan waren er heel wat minder problemen op de aardbol. Maar wat een aandoenlijk wereldbeeld ook. De vraag is alleen hoe lang dat nog beklijft, hier in deze mess. Het leven hier in Praag brengt met zich mee dat onze kinderen iets sneller “groot” worden dan wanneer we in Hooglanderveen zouden zijn gebleven. Dus soms voelt het alsof we door hier te wonen de onschuld van onze kinderen stelen. Dat knaagt! De gevolgen van de zondeval worden hier, ook voor hen,  in het groot zichtbaar. Dat is heel triest, maar tegelijk ook leerzaam. Een onbezorgd bestaan is hier voor velen niet weggelegd. En daar denken onze kinderen tegenwoordig wel over na. “Mam, misschien moeten we ze dan maar over de Here God vertellen zodra we Tsjechisch kunnen, kan best bemoedigend zijn.” Hoorde ik daar een evangelist-in-de-dop spreken?


woensdag 4 september 2013

Sleepless in Prague


Vandaag was het een bijzondere dag. Het was de eerste schooldag na de vakantie. En voor Chaja was het zelfs de eerste dag van haar schoolloopbaan in Praag. Ze begint nu aan first grade, wat in Nederland groep 3 is. We hadden er allemaal veel zin, want na 11,5 week vakantie is het ook wel weer mooi geweest. Die weken leken schier eindeloos, maar tenslotte was het dan toch september geworden. Het was nog best spannend. Nieuwe juf, (deels) nieuwe kinderen, nieuwe klas en zélfs een nieuwe school. Dat was zó spannend, dat een van de kinderen niet kon slapen. Minstens vijf keer stond het schatje aan mijn bed vannacht, om daarover beklag te doen. Niet dat dat hielp natuurlijk, maar het is fijner als je niet in je eentje wakker bent midden in de nacht. Tijdstip is helaas vrijwel nooit een factor van betekenis in de overweging wel of niet te komen buurten. En gek genoeg kiezen ze ook altijd mijn kant van het bed. Dus na een zeeeer korte nachtrust, begonnen kind en ik gesloopt aan de nieuwe dag.
Sinds de school verhuisd is wonen we op loopafstand. Ik geloof niet dat ik al eerder zo dicht bij school heb gewoond. Het is zo'n 7 minuten lopen van ons huis. En dat het nog zo lang duurt komt voornamelijk doordat er een behoorlijk steile klim in zit. We zouden de school bijna uit ons keukenraam kunnen zien, ware het niet dat er een appartementencomplex in de weg staat. Het is een mooie oude school, met hele brede gangen en grote lokalen, zowel in oppervlakte als in hoogte. Veel ruimer dan de lokalen die de kinderen in Nederland gewend waren. En de klassen zijn hier stukken kleiner. Chaja zit nu met vijf kinderen in de klas. Ze hebben een flinke speelhoek en een riante leeshoek met zijn vijven. Er staan een paar relaxte banken en een kast vol boeken. Verder moet er flink gespeeld worden, omdat vier van de vijf kinderen nog niet, of niet goed Engels spreekt. En tijdens het spelen leren ze het sneller.
Jesse begint nu in de third grade. Waar hij het meeste zin in heeft dit jaar? In Tsjechisch leren!!! Blijkbaar vindt hij het leven hier nog niet uitdagend genoeg.
Vandaag een half dagje school om er in te komen. En met deze morgen, inclusief een chapel service is de kop er weer af! Zoals Leendert zei: "De komende 40 weken hebben wíj vakantie."

vrijdag 30 augustus 2013

Tsjechisch leren? Laat alle hoop maar varen!!

Ja, waar te beginnen in dit drama. In oktober 2012 zijn we begonnen met Tsjechisch leren. We begonnen er redelijk gemotiveerd aan. Je leert de taal van het land waar je woont, ja toch? Dat heb ik ook altijd gevonden toen ik nog Nederlands als tweede taal (NT2) gaf, hoewel de motivatie bij sommigen onder het vriespunt was. "Nederlands is zo moeilijk!" Dat is ook zo. Nederlands is moeilijker dan sommige andere talen, vooral vanwege de uitspraak van bepaalde klinkers/tweeklanken en het gebruik van de verschillende lidwoorden.
Nou dames en heren ik kan u melden, Nederlands is een eitje vergeleken het Tjsechisch!!!! Het enige aan Tsjechisch wat relatief eenvoudig is, is het ontbreken van lidwoorden, en de spelling, die geheel fonetisch is. Als je de uitspraak weet die bij de letters hoort kun je Tsjechisch lezen, zonder dat je ook maar enig benul hebt van wat er staat. Op die manier kunnen we redelijk meezingen in de Tsjechische kerk. Maar de grammaticaregels drijven mij tot wanhoop.
Zeven (7!!) naamvallen maar liefst. Met minder kunnen ze hier niet toe. Grappig is het wel om het verschil in leerstijl tussen Leendert en mezelf te observeren. Leendert schudt bijvoorbeeld alle naamvallen zo uit zijn mouw. Accusatief, nominatief, genitief, locatief enzovoort, álle uitgangen van zelfstandig naamwoorden, mannelijk of vrouwelijk. Bijbehorende adjectieven aangepast aan naamval én geslacht. Werkwoorden in de juiste vervoeging. Je kunt het zo gek niet bedenken of Leendert knutselt dat correct aan elkaar. RRRESPECT MAN!! Maar, gelukkig voor minder fortuinlijken zoals ik, zonder die correcte naamvallen begrijpen ze hier ook nog wel wat je bedoelt. Tenminste, áls je de woorden verstaanbaar uit je strot gewrongen krijgt. En dát wordt wel ernstig bemoeilijkt door de hoeveelheid medeklinkers die ze hier zonder blikken of blozen achter elkaar zetten.
Zo probeerde ik vanmorgen te zeggen dat ik honden vind stinken (sorry hondenbezitters), "smrdí", maar ik zei "smrt". Dat laatste betekent "dood". En je kunt nou één keer níét van méning zijn dat een hond dood is; dat is zo, of niet. Hoewel ik een dode hond dan wel weer vind stinken. Kortom, het luistert nauw met al die medeklinkers. Gelukkig is er één woord dat in ons voordeel werkt. Het woord voor "ijs(je)" is namelijk "zmrzlina". De kinderen krijgen er eentje zodra ze dát zonder haperen en correct uit kunnen spreken. Dat gaat ons dus voorlopig nog geen geld kosten....

zaterdag 24 augustus 2013

Een weekje op stap met een camper

Vorige week zijn we een weekje op stap geweest met een camper. Ja, dat was voor ons ook even wennen. Dat hadden we nog nooit eerder gedaan. Het is ons wel goed bevallen eigenlijk. Eerst was hij geen camper. Maar we hebben hem een weekje uitgeleend. Toen we hem weer ophaalden, was hij ineens een camper! In zijn uiterlijk was er niet noemenswaardig veel veranderd. Ja hij was wat verschoten door de zon, dat wel. En hij straalde! Ook was de onderkant erg vuil van de modder. We kregen het er bijna niet vanaf geschrobd, maar een kniesoor die daar op let. We konden zien dat de ervaring van die ene week hem goed had gedaan. Nadat we hem op hadden gehaald, zijn we meteen doorgereden naar Rokytnice voor een weekje vakantie met zijn viertjes. De hele week hebben we genoten van alle verhalen. Over dagelijks zwemmen in het meertje. Over twee keer per dag “worshippen”. Over night games. Over slapen in een slaapcabine, met nog 3 anderen. O ja, ik heb het hier dus over Jesse hè.

"Nou kijk, hier sliep ik dus."

Het begon een week of wat geleden met een email, met als subject: Camper info. Leendert en ik keken elkaar verbaasd aan: “Krijgen we een camper??” Het bleek een questionnaire met vragen als: What is his favourite American snack? His hobbies and interests? Dat hielp ons beseffen dat het hier geen recreatief vervoermiddel betrof, maar dat het over onze stoere zoon ging, die het na 4 maandjes Praag toch maar aandurfde om op TCK camp te gaan! Dat vond zijn moeder toch een stuk enger dan hij, want loslaten valt niet mee. En dat wordt er niet perse makkelijker op als je in een ander land woont. Ze werd geteisterd door gedachten als: Is hij niet eigenlijk nog best een beetje klein voor kamp? Hij is nog maar 8! En een week met mensen die hij niet echt kent! En wat als er nou verder geen jongens van zijn leeftijd zijn die hij wél kent? En dan moet hij de hele week 24 uur per dag in het Engels leven! Nou dat laatste bleek bij voorbaat al geen issue voor hem. Want toen ik hem vertelde dat ik het toch best wel een beetje eng vond, kon ik het onbegrip van zijn gezicht scheppen: ”It’s not scary!? It’s cool!! And I speak English! So what’s the problem??” Tja, wat heb je dan als moeder nog in te brengen hè? “Trouwens, God is ook op kamp hoor mam!” Nou als dat niet doorslaggevend is, want het is zo ontzettend waar! En wat een heerlijkheid als je kinderen je dat onder de neus wrijven. Dus met een gerust hart brachten we hem naar Moravië. 
Armen vol goede wensen
Meneer had een geweldige week. En dat is ook wel aan dat koppie van hem te zien!

maandag 19 augustus 2013

Pruimen in komkommertijd

Taart bakken. Dat is volgens Leendert altijd het eerste wat ik doe zodra we terug zijn van vakantie. Het was me zelf nog niet eerder opgevallen, maar feit is wel dat ik afgelopen zaterdag druk bezig ben geweest om een Zwetschgendatschi maken. Home sweet home dus, maar dan letterlijk. We hadden dan wel niet Mehl Typ 550, maar de praktijk leerde dat het met Typ 650 ook prima te pruimen was. En bij gebrek aan marsepein heb ik dat maar zelf gemaakt. Uiteindelijk was het eindresultaat bijna hoe ik het had willen hebben. Binnenkort nog maar een keer maken dus: Practice makes perfect. Aanrader voor bak- en pruimenliefhebbers.

vrijdag 2 augustus 2013

Het hangt of het hing, dat hangt er vanaf

Overzichtelijk. Zo zou je ons leven van nu, best kunnen noemen. Leendert werkt alvast voor het Comenius Intitute. We leren Tsjechisch. We houden de kinderen bezig. En we "hangen dingen op". Ja echt!! Gewoon elke week weer opnieuw "hangen we dingen op". Soms rustig drie weken achter elkaar hetzelfde.
Nah, nog maar een keer dan.....
Dat komt doordat hier sommige muren zijn gemaakt van appelmoes. Maar voordat je begint te boren is niet duidelijk welke muur wel en welke niet. In het centrum van Amersfoort hadden we ook zulke muren. Maar dáár konden we tenminste nog aan zíén dat we niet al te hoge verwachtingen moesten koesteren als we er iets aan wilden hangen. Hier was alles keurig strak gesausd, dus toen we merkten dat we eigenlijk beter niks aan de muur konden ophangen, waren we al te laat omdat we dat toen al gedáán hadden.
Maar niet alle muren zijn zo. O nee!! Er zijn hier ook dragende muren. Die zijn gelukkig wel stevig. Gewoon even uitzoeken dus welke muren dat zijn, ja toch? Nu dat was niet zo moeilijk te ontdekken. Het was namelijk schier onmogelijk om dáár gaatjes in te boren. Het is dus hollen of stilstaan met die muren hier.

En om nou alle foto's lampen, klokken, schilderijen en gordijnen aan één muur op te hangen.... En in de dragende muren zitten geen ramen. Weinig te kiezen dus wat je aan welke muur hangt. Wat er dan kan gebeuren is het volgende.
Hier moet die roe dus, of toch niet?
We besloten dat we een rolgordijn met een zonwerende laag wilden om de zon buiten te houden bij onze balkondeuren op het zuiden. Want zonder zo'n gordijn wordt het binnen net zo warm als buiten, wat gewoon niet fijn is als het 35 graden is (echt niet!!). Nadat we de boel hadden opgemeten, gingen we op pad. We vonden zelfs een gordijn dat breed en lang genoeg was. Hoera! En dat hingen we op. Dat hingen we op. Dat hingen we op. Dat moeten we nog ophangen.....
In de woonkamer heeft Leendert ook al drie keer een gordijnroe teruggehangen op de plek waar hij hoort. Maar zojuist heb ik wederom proefondervindelijk vastgesteld dat we hier niet op de maan wonen. De gordijnen liggen alwéér over de vloer gedrapeerd. Het is om moedeloos van te worden.

 Als we er wat langer over nadenken, kunnen we er ook wel om lachen. En ineens gaat ons een lichtje op. Dat we dáár toch niet eerder aan gedacht hebben!! We zijn gewoon per ongeluk op de set van Buurman & Buurman gaan wonen.





Ik weet in ieder geval wat Leendert morgenochtend gaat doen.....

donderdag 25 juli 2013

Of je worst lust.

Nou best graag eigenlijk. En helemaal als hij op zo'n romantische manier gebarbecued wordt.


Het moet typisch Tsjechisch zijn om op deze manier te barbecueën. Ik weet dat zelf niet omdat ik nog weinig barbecue-ervaring heb opgedaan over de grens. Maar leuk is het in ieder geval. We hadden een gezellige, zonovergoten zaterdagmiddag met onze collega en zijn gezin, een klein uurtje treinen hier vandaan. Ze vertelden hoe het vroeger ging. Iedereen zocht zijn eigen stok en schaafde er met een mes een scherpe punt aan. Bij het handvat kerfden ze dan hun handtekening erin. En voilá, je persoonsgebonden barbecuestok. Nu nog worstjes om eraan te prikken, een vuurtje om ze boven te hangen en een boomstronk om op te zitten. Klaar ben je!

Helaas nu niet meer op je eigen geschilde stok.

"Light, medium or carbonated", zoals ze het zo mooi omschreven.

dinsdag 16 juli 2013

Zoo gezellig en zoo twijfelachtig

De dierentuin. Ik heb daar een haat-liefdeverhouding mee. We zijn er vandaag heen geweest. Dat stond al langer op de planning, en nu de kinderen vrij zijn moest het er maar eens van komen. Gelukkig is dat hier heel wat goedkoper dan in Nederland. En de dierentuin in Praag is heel groot! Zo groot zelfs, dat we niet eens alles hebben kunnen zien. Het is erg leuk om er doorheen te wandelen. Vooral ook omdat de kinderen er zo blij van werden.
Zoeken naar de bergmarmotjes

De dierentuin is gelegen aan de noordkant van de stad waar de heuvels redelijk steil naast de Moldau oprijzen. Door de ligging aan de rivier heeft de dierentuin behoorlijk te lijden gehad onder het hoogwater van een paar weken terug. Ook nu nog zijn er delen, die na het hoogwater nog steeds niet toegankelijk zijn. Maar het ligt er prachtig op de helling. Hoog tijd dus om deze pracht van nabij te bekijken. Het verschil in hoogte maakt dat je meteen weer aan wat lichaamsbeweging toekomt. En het biedt mogelijkheden om de natuurlijke habitat van bepaalde dieren goed na te bootsen. Het gedeelte van de moeflons bijvoorbeeld, was één grote rotsformatie en ze konden toch wel zo'n dertig meter klimmen. Kom daar maar es om in Nederland. En als je hier de giraffen en zebra's over de "savanne" ziet lopen, ziet het er ook uit als een locus amoenus voor Afrikaans wild.





De nijlpaarden dobberden zo voor het oog tamelijk gelukkig rond. De tijgers hadden een hok van niet geringe afmeting, waar ze nog best een heel eind in konden wandelen. De meeste hokken zijn echt ruim waar dat nodig is en kan. Ook de Indonesische jungle is mooi opgezet, en leuk als je van klamme warmte houdt (ik niet). Verder schijnen de olifanten tweemaal daags een wandeling door de dierentuin te maken, maar dat hebben we nog niet gezien. Maar wel net effe een tikkie anders dan een gemiddelde dierentuin in Nederland.

Maar een ijsbeer op een evenwichtsbalk in 26 graden zonneschijn vind ik sneu.

IJsbeer achter glas


Ook de gedachte dat een cheetah in Praag gewoon nooit es even lekker full speed 120 km/h kan rennen voor hij een impala naar de keel springt is deprimerend. En de manier waarop de Aziatische neushoornvogel heen en weer sprong op die ene tak, deed me vermoeden dat er veel psychisch leed aan ten grondslag lag. Heen en weer, heen en weer op die ene tak, steeds maar door. Nou ja kort samengevat  komt het dan toch hier op neer. De dierentuin is best leuk. En waarschijnlijk gaan we wel vaker. We willen nog wel een keer die olifanten zien wandelen.

dinsdag 9 juli 2013

Stilte!!!!!


Trams. Auto’s.Treinen. Bij ons om de hoek rijdt dat allemaal. Maar ons straatje is heel rustig. Je rijdt er alleen maar door als je er wezen moet. Het is veel te smal om er voor je plezier doorheen te razen. Wel zo prettig.
We wonen in Praag 2 in een appartementencomplex, een van de vele. Ons appartement bevindt zich op de vijfde en zesde verdieping met op de zesde verdieping een balkon. Heerlijk op het zuiden en met een geweldig uitzicht (sorry, ons huis is al bezet tijdens ons volgende vakantietje).  De flats hier staan in een vierkante kring, met de achterkanten naar elkaar toe. Het midden van die kring is een soort tuin, die weer verdeeld is in percelen die bij de gebouwen horen. We zijn blij met zo'n stille stek. Vooral ’s avonds, met een wijntje op het balkon. Ja toch?




  


Vorige week waren we op vakantie en ontdekte ik dat het in ons straatje toch niet zo stil is als ik dacht. Waarschijnlijk filteren we heel veel geluid weg. We waren een weekje in de bergen vlakbij de Oostenrijkse grens, in een vlek genaamd Hojna Voda. En daar was het STIL!! De stilte schrééuwde. De stilte was bijna tastbaar.
En ineens wist ik wat we allemaal níét horen in Praag wat er wél is! De bel van tram 11, 13 en 22 iedere paar minuten. Op de achtergrond geruis van verkeer. Getoeter van de treinen. Geschreeuw en gelach van mensen. Blaffende honden.
En dan nog al die dingen die we wél horen. Aan de overkant was daar het gebrul van een boze buurman. En lik-op-stuk van zijn krijsende buurvrouw. En dat al gauw twintig minuten achtereen. Een tête-à-tête in het trappenhuis. De geopende ramen lieten het gesprek beleefd en ongehinderd passeren en de omringende gevels versterkten het gedienstig voor de geïnteresseerde toehoorder.

Gelukkig zijn er ook geluiden om van te genieten. Live klassieke muziek die ergens uit een raam naar ons toewaait. (Dat het live is leiden we dan af uit het feit dat het soms op rare momenten wordt onderbroken en weer opnieuw begint.) Er is hier ook een fluitspeler die op bloedhete zomerdagen betoverende melodietjes onze kant opblaast. En dan de lach van spelende kinderen in de tuin, die tegen de muren opklautert. Er is hier altijd leven! En dat maakt de stad zo boeiend! Kortom waar ik toch vandaan haalde dat het hier best stil is, geen idee! Stilte moet je hier met een kaarsje zoeken!
Maar hoe kom je nog tot rust in je hoofd en hart als er nooit een echt stil moment is daarbúiten? Augustinus wist het in de 4e eeuw al:

"You have made us for yourself, O Lord, and our heart is restless until it rests in you."

Die rust staat gelukkig los van alle mogelijke herrie!




zaterdag 29 juni 2013

Dolce far niente

Ja dat is vanuit calvinistisch oogpunt bezien tamelijk lichtzinnig. Toch is dat wat we gaan doen komende week, en wel in Hojna Voda! Hojna Voda betekent "overvloedig water". Niet dat we dáár per se op zitten te wachten na de overvloed die we net gehad hebben. Maar de weersvoorspelling zijn goed.

De kinderen letten er altijd op dat hun koetjes met hun kop uit de tas steken, zodat ze genoeg zuurstof krijgen.

vrijdag 21 juni 2013

Mét geurstoffen

Met de temperatuur stijgt hier ook de intensiteit van de geuren (net als overal trouwens), zowel negatief als positief. Laat ik beginnen met het positieve. Als ik de ramen openzet komen zoete geuren van bloeiende struiken ons huis binnengewaaid. Dus als ik behoefte heb aan een lekkere geur dan houd ik mijn neus in de tocht. Mmmmm, fijn hoor. Dat zal binnenkort wel weer over zijn, aangezien de meeste struiken niet tot augustus bloeien vrees ik.
Aromatherapie

Ook op het balkon is het fijn, tenminste, als de wind de goede kant opstaat. Toen we hier net woonden kregen we een rozemarijnstruikje als welkom in Praag. Dat was een leuk cadeautje om meerdere redenen. Om te beginnen natuurlijk het persoonlijke gebaar. Maar ook de plant zelf is een goed cadeau! Hij is fijn voor in het eten, maar ook prettig voor de geur. Samen met nog wat andere kruiden staat hij zijn stinkende best te doen in de niets-en-niemand-ontziende zon. Toegegeven, van 39 graden word ik maar beperkt enthousiast al is het veel beter dan al die regen, maar de rozemarijngeur vergoedt dus veel! Totdat de wind opsteekt, dan wel draait. Want dan walmt ons de nestgeur van de volgende lichting jonge duiven tegemoet. En die is aanmerkelijk minder neusstrelend dan rozemarijn!  Ik hoopte heel erg dat ze, de duifjes,  het loodje zouden leggen in deze hitte, maar ze zijn er beter tegen bestand dan ikzelf vrees ik. En zelfs áls ze waren bezweken, weet ik niet of dat geurtechnisch gezien wel zo’n verbetering zou zijn geweest, bedenk ik nu.

Onontbeerlijk in stinkvolle tijden.
Ook het openbaar vervoer verschaft ons even wat minder vreugde dan het wel deed op koelere dagen. Alleen ’s morgens vóór half tien is het nog draaglijk. Daarna al niet meer. Afgelopen zaterdag stapten we in de tram. Maar de zweetgeur die er hing was ondraaglijk en bijna snijdbaar! Dus we hebben onze adem ingehouden tot de volgende halte (ja was dat maar mogelijk) en stortten ons weer naar buiten. We klommen snel in het volgende tramstel, waar het zowaar een slag minder beroerd was. Het is soort Russische roulette, maar dan andersom. De kans is 1 op 6 dat je gelúk hebt, en de overige 5 keer is dampende pech. Dus alleen als het niet anders kon, reisden we met het ov, trammijders als we waren. Volgende week schijnt het een stuk koeler te worden. Kunnen we weer even bijkomen van deze kakefonie aan geuren.

zaterdag 15 juni 2013

Pokerface

Er zijn hier in Praag heel wat zaken waar de gemiddelde Nederlandse dorpeling grote ogen van op zou zetten. Maar als je midden tussen al die dingen in woont, dan treedt er een weinig gewenning op. Tenminste, bij Jesse wel…. Bij zijn moeder wat minder, maar dat kan nog veranderen. 


Maandag jongstleden stonden we samen op de tram te wachten toen we uit school kwamen. De regen kwam met bakken uit de lucht dus we stonden in een portiekje met uitzicht op de halte. Ondertussen liepen er heel wat mensen voorbij die wél een paraplu bij zich hadden. Ik had dat vanzelfsprekend níét. Daar kwam een mevrouw aan die een andere oplossing had bedacht. Ze had een zuurstokroze sjaaltje om haar hoofd geknoopt. Maar ik betwijfel ten zeerste of het tegen zoveel water bestand was. Het deerde haar niet want ze liep druk te bellen en het leek alsof ze zich er zelfs niet  bewust van was dat ze nat werd. Ze droeg een spijkerjack, ook niet erg waterdicht , en daaronder een ruitjesbloes. Toen ik nog eens beter keek sperde ik mijn ogen wijd open. Want ze had hem opengeknoopt van onderen af tot zo’n 10 cm boven haar navel!!  Ik vind het niet bijster charmant als een man zijn voorgevel op die manier etaleert, maar ik had vrouwen dat nog nooit zien doen. Maar eens moet de eerste keer zijn. Maar waarom zou ze dat doen?! Wat zou ze gedacht hebben: Als ik dan toch nat moet worden, dan maar rechtstreeks? Als ik zoiets in Nederland zou zien zou ik koortsachtig mijn kiekens bijeen vergaderen om te voorkomen dat ze zouden gaan wijzen, lachen, of met stemverheffing zouden vragen: ”Zag je dat mama?!!!” Maar hier in Praag was dat niet nodig. Jesse vertrok geen spier. De vrouw was voorbij en de tram kwam eraan. Maar Jesse moet toch nog een naschok op mijn gezicht hebben gezien, want hij zei: “Ja, dát was wel een beetje apart he?”

maandag 10 juni 2013

Calimero

We hebben een thuiszitster en ze heet Chaja. Dat thuiszitten valt haar erg zwaar. Ze mist het enorm om met andere kinderen te spelen. Gelukkig is ze wel creatief in manieren om zichzelf bezig te houden. Zo klost ze regelmatig op hakken en in verkleedkleren rond op de overloop. 



Of ze “dweilt” de vloer met een baby om haar middel geknoopt. Vooruit we hangen er nog een knuffelkoetje bij ook. Moedertje in de dop aan het huishouden. 


Haar fantasie lijkt oneindig. Tegelijkertijd is het allemaal buitengewoon frustrerend voor haar. Ze mist veel dingen die Jesse wél heeft. Een uitje met de klas bijvoorbeeld. En voor veel zaken is ze nog te jong. Zo mag Jesse komende zomer op Mission Kid Camp, maar Chaja nog niet. Want ze is te jong, oftewel in háár wereld, "te klein". Daar is ze het hartgrondig mee oneens. “Jullie zeggen toch heel vaak dat ik een grote meid ben?! Nou dan bén ik dat dus ook!!”  Dat is allemaal “niet eerlijk”!! 
Kortom, onze kleine Calimero heeft het behoorlijk zwaar, vindt ze zelf. Maar gelukkig genoeg biedt het ook voordelen. Want in het OV geldt als norm: Opstaan voor ouderen en kleine kinderen. En Chaja krijgt het bijna altijd wel voor elkaar dat er iemand zijn stoeltje aan haar afstaat!  Een welgemikte blik met haar grote blauwe ogen volstaat. Dit dan weer tot grote frustratie van Jesse, die die galanterie zo node moet missen. Op zulke momenten is madame muisstil en hoor je haar ineens helemaal niet meer mopperen dat ze “heus niet klein is en echt al wel groot”! Dus Calimero, maar dan anders. “Hij is groot en ik is klein. 't Is niet eerlijk! Maar soms wel heerlijk….”

vrijdag 31 mei 2013

Ons bestaan gestempeld

EU-burgers zijn wij. Dat betekent dat je geen bureaucratisch gedoe hebt met verblijfsvergunningen enzo, als je binnen de EU verhuist. Ja, dat dachten wij ook! Nu is dat technisch gesproken wel zo, maar als je hier meer wilt dan alleen in je huis wonen, dan moet je tóch een verblijfsvergunning. Het is namelijk een soort domino. Als je een parking permit wilt om je auto in de straat te mogen parkeren, moet je een Tsjechische nummerplaat hebben. En als je je auto wilt importeren, teneinde een Tsjechische nummerplaat te verkrijgen, moet je een residence permit hebben. En voor een residence permit heb je dan weer een arbeidscontract nodig. Kortom, meer papierwerk dan we leuk vinden. En we zijn er voorlopig nog niet klaar mee. En sowieso bleek dat we ons binnen 30 dagen na aankomst hadden moeten laten registreren….. Wat een gedoe zeg. Maar Pavel hielp ons door het papierwerk heen en begeleidde ons naar de vreemdelingenpolitie. Hij fungeerde ook als onze tolk. Want bij de vreemdelingenpolitie spreken ze, reuze handig, geen Engels.
Ok, tis geen agent, maar een soldaat. maar wel een Tsjechisch...
We vulden alles in en zetten her en der wat handtekeningen. Omdat Chaja bij ons was moesten we haar ook registreren. Maar Jesse hoefde niet geregistreerd, want hij was er niet bij. Ja op zich is het natuurlijk totaal niet nodig dat we het ook nog snappen. 
We trokken een nummertje en zetten ons in de wacht. En niet eens zo gek veel later waren we al aan de beurt. We werden een kamertje binnengeloodst waar een agent achter een bureau zat. Hij zag er echt agentachtig uit. Eigenlijk een beetje zoals ik me veldwachter Zwart in de Kameleon altijd voorstelde. Indrukwekkende epauletten met een hoop sterren erop. Verder op zijn mouwen nog een paar glimmende sterren. En om het geheel te completeren een prachtig glanzend exemplaar, hangend op zijn borst. Hij had doordringende blauwe ogen en een strenge snor. Met een gezichtsuitdrukking die daarbij paste. We mochten gaan zitten en de man bekeek met een ondoorgrondelijk gezicht onze papieren. Ik had een goed uitzicht op zijn handen, dus die heb ik toen maar es aandachtig bestudeerd. Die handen waren naar mijn idee heel geschikt voor een houthakker, of om een onwillig schaap mee in de houdgreep te nemen voor de jaarlijkse scheerbeurt. Maar goed, op één of andere manier was hij tóch achter een computer terechtgekomen. En daar móést hij dus ook iets mee. Dus hij toog aan het typen. Of eigenlijk tóch hakken. Met één vinger gaat dat best langzaam, dus tijd genoeg voor verdere observaties. Het kantoor was kaal en wit en er stond behalve het benodigde meubilair niks in.Op de tafel naast de agent stond een heel regiment stempels indrukwekkend te zijn. En ik vroeg me af welke ervan allemaal gebruikt zouden worden om ons legaal in dit land te doen zijn. De man vroeg sinds wanneer we in Tsjechië waren. En Leendert antwoordde geheel naar waarheid dat dat 2 april was. Onze tolk vertaalde dat met: "De 2e". Waarop de man 2 mei invulde. Geprogrammeerd op die dertig dagen waarschijnlijk. Maar goed, een hoop typewerk, en diverse stempels later, sprak de man de verlossende woorden: “To je všechno.” Nou, als dat dan alles is, dan gaan we maar!!”

dinsdag 28 mei 2013

Tsjechisch weekendje (2) - De inwendige mens

We vervolgden ons Tsjechische weekendje op zaterdagavond. Leendert en ik zijn samen gezellig op stap geweest. 
U Kroka

Een paar weken geleden had Nelleke (ja echt waar!) aangeboden dat ze wel een keertje op wilde passen als we samen weg wilden. Zo'n aanbod lieten we niet lopen natuurlijk! Dus we zijn uit eten geweest bij "U Kroka", een typisch Tsjechisch restaurantje, met typisch Tsjechische gerechten. Leendert had, zoals het een echte man betaamt, een groot stuk vlees aan een bot, gekookt in bier ;) Maar ik besloot om deze keer de varkensknieën en -nekken te laten voor wat ze waren en concentreerde me op de mediterrane keuken. We hebben voorzichtige pogingen gedaan om ons eten in het Tsjechisch te bestellen. Maar ja dan krijg je dus óók antwoord in het Tsjechisch... Toch nog maar even in het Engels dan. Onze traditie is om dan het toetje ergens anders te gaan eten. Dus tot slot van deze gezelligheid heb ik in een restaurant aan de Moldau nog een lekker 'bakkie' met palačinký met slagroom en cranberries verorberd. We hebben er van genoten samen en we kunnen er weer een hele poos tegen.

Afgelopen zondag was een herfstachtige regendag hier. Dus alle tijd van de wereld om lekker te koken. We wilden graag eens een keer iets typisch Tsjechisch maken. Een goed voorbeeld daarvan is knedliky. In Duitsland en Oostenrijk eten ze ook zoiets, maar dan heet het Knödel. Het kost behoorlijk wat tijd om te maken, maar dan heb je ook wat. Ik had op taalles om een recept gevraagd. Dus als onderdeel van de les hebben we dat recept (in het Tsjechisch) besproken. Het is een soort brood, gemaakt van griesmeel, melk, gist, ei en...een broodje in dobbelsteentjes. Daar maak je een mooie bal deeg van. En dat moet dan een uurtje rijzen en daarna wordt het in de vorm van een broodje gerold en in een pan ruim kokend water gemikt. En dan na 20 minuten heb je knedliky. 



En dat dan in plakjes bij je stoofpotje. Lekker hoor. Doen we deze week weer gewoon een beetje Nederlands.

maandag 27 mei 2013

Tsjechisch weekendje (1) - Licht!

Ja ik begrijp dat het een beetje bijzondere titel is. Want als je in Tsjechië woont, is elk weekend natuurlijk Tsjechisch. Dat is tot op zekere hoogte wel zo, maar het is ook reuzegemakkelijk, en helemaal als het weer tegenzit, om je hele weekend thuis, Lekker Nederlands Te Doen, en gewoon te vergeten dat je in Tsjechië bent. Maar goed, afgelopen weekend dus niet.

Er is niet veel te zien onderweg in de metro, maar proberen kan altijd!
Het begon al op vrijdagavond. Chaja en ik gingen samen naar een concert. We waren de week ervoor uitgenodigd door een aardige Tsjechische dame. Afgelopen vrijdag was het kerkennacht, in het Tsjechisch Noc Kostelů, en het koor waarin deze dame zingt, zou optreden. In de weken ervoor was de kerkennacht behoorlijk grootscheeps aangekondigd. En zo kon het gebeuren dat er in de metrostations een aankondiging hing met een Bijbeltekst erop, Zacharia 14:7.

“… er zal geen onderscheid zijn tussen dag en nacht. Pas tegen het vallen van de avond zal er weer licht gloren.”


Mooi om dat hier op straat tegen te komen. In een straatbeeld dat in de regel gedomineerd wordt door heel andere zaken. Erotiek en porno spelen hier een belangrijke rol. Onlangs bijvoorbeeld stickers met "I love porno" op verkeersborden en lantarenpalen. Of je vindt erotische reclame onder je ruitenwisser.
En waar we ons ook over blijven verbazen zijn de werkelijk reusachtige tatoeages die, nu het weer wat mooier wordt, uit alle hoeken en gaten tevoorschijn kruipen. Dat is hier echt nog wel een graadje erger dan in Nederland. Het is zelfs zo dat Jesse af en toe mensen herkent aan de afbeelding op hun armen of achterhoofd!?
En dan licht er tussen dit alles ineens deze Bijbeltekst op! Blijkbaar is daar dan toch plek voor.

Het is bijzonder dat een relatief kleine groep christenen een project zo groots neer kan zetten.


De pr had in ieder geval in de kerk waar Chaja en ik waren effect, want er waren heel wat mensen. En toen we na afloop van het concert de kerk verlieten, stond er al weer een hele groep klaar voor de volgende bijeenkomst.

maandag 13 mei 2013

Opvoeden: Stoppen of doorgaan?


In tijden van transitie is niets verleidelijker dan tijdelijk even te stoppen met opvoeden. “Want ze hébben het al zo moeilijk.” Nu is dat ook echt wel zo. Het leven in een ander land vraagt veel van onze kinderen. Van ons allevier trouwens. En soms stijgt ons dat gewoon even naar het hoofd. Maar ja wat dan? Tijdelijk toegeeflijk zijn? We zagen het voor ons, dat we dan in juli ofzo alle geschapen precedenten weer vakkundig de nek omgedraaid moeten zien te krijgen. Toch maar niet! Dus nu blijven we toch maar opvoeden. Maar we hebben nog wel een lang weg te gaan.

 Gisteren zaten we te eten. En als ons het onuitsprekelijke voorrecht ten deel valt, dat de kinderen het óók lusten, wil het wel eens gebeuren dat ze “nog een bordje” willen. Onlangs waren Leendert en ik goed en wel op de helft van ons portie. Maar een van de kinderen vroeg al, vol ongeduld en aan niemand in het bijzonder: “Mag ik nog een beetje!!” Dus wij sloegen onmiddellijk aan het opvoeden. “Luister es, wij zijn nog niet klaar. Je wacht maar even tot iedereen zijn bord leeg heeft. En dan vragen we vanzelf wel of je nog méér lust.” Een minuutje en een diepe zucht later: “Kan er alsjeblieft iemand me nog meer eten aanbieden?!”

woensdag 8 mei 2013

Nemluvím Holandský

Inmiddels wonen we al ruim vijf weken in Praag. We zijn aardig gesetteld nu en ons leven heeft weer ritme. Jesse gaat nu ruim vier weken naar school. We sporen dagelijks met de tram op en neer. Het is elke keer weer een verrassing in wat voor tram we stappen en Jesse hoopt telkens vurig dat het een "nieuwe" zal zijn. Dat is echt de kers op de taart van een lange schooldag. Hij doet goed zijn best en we zijn diep onder de indruk van het tempo waarin hij Engels leert. We zijn minder gelukkig met het tempo waarin hij het Nederlands lijkt te verliezen. Dus daar gaan we wat aan doen.

Hij begint nu merkbaar de onregelmatige werkwoorden kwijt te raken. Dus hij slaapte en denkte en werkte (o wacht, dat laatste klopt natuurlijk...) Het heeft eigenlijk iets vertederends omdat hij dat als kleutertje ook zei. We begrijpen natuurlijk nog steeds prima wat hij bedoelt, maar het is handiger als hij de onregelmatige vormen behoudt.
Lastiger wordt het dat hij soms ook bepaalde begrippen verliest. Dan moet hij meer capriolen uithalen om duidelijk te maken wat hij zeggen wil. Maar geen nood, associëren kan altijd nog. Dus vanmorgen stonden we op de metro te wachten en bespraken dat het reizen met het OV hier echt heel leuk is. "Maar", verzuchtte Jesse, "het is wel echt jammer dat we bijna alles met de tram doen. Want de metro is nu voor mij bijna uitgestorven......

Gauw!!! De stop erin voordat alles weggelopen is!!

maandag 29 april 2013

Alles in orde!

Momenteel krijgen we allemaal vragen ivm de gasexplosie. Met ons gaat het prima. We hebben niets van explosie gemerkt zelfs.
Dank voor alle belangstelling!   Zie ook: http://www.gzb.nl/zendingswerker/leendert-en-nelleke-wolters/blog/gasexplosie?nonewspage
                                               

donderdag 25 april 2013

Metrogevallen



Vanmorgen zeiden Leendert en ik tegen elkaar: "Jammer eigenlijk, we reizen vanuit ons eigen huis haast niet met de metro." Nu hadden we vandaag een toer "Praag" op het program, en we besloten om dat dan in ieder geval deels met de metro te doen. 


Dat werd een behoorlijk enerverende reis. De eerste drie stations werden we getrakteerd op een vloeibare monoloog in het Tsjechisch. We waren fijn publiek, want tegenspraak onzerzijds zat er niet in. De spreker was een man die er meelijwekkend beroerd uitzag. En hij was stomdronken. Na 3 stations wankelde hij weer naar buiten. Ik bleef zitten en hoopte dat hij niet alleen is op deze wereld, maar dat er iemand is die zich zorgen om hem maakt, en om zijn drankgebruik.

De reis ging verder. Ineens hoorde ik naast me een doffe klap. Een jonge vrouw was omgevallen. Ik verwachtte dat ze gegeneerd weer op zou krabbelen, maar dat gebeurde niet. Doodstil bleef ze liggen. De man die het dichtst bij haar zat bukte zich en voelde aan haar hals. Haastig klikte hij zijn buikdrager met kind los en gaf hem aan zijn overbuurman. De vrouw legde hij in de stabiele zijligging. Inmiddels lag ze te schokken en gaf ze over, maar was ze nog steeds buiten bewustzijn. Gelukkig kwamen we aan op het volgende station. Ik hoopte dat de ambulance waar inmiddels om gebeld was, snel zou aankomen. Tot mijn grote verbazing gingen de metrodeuren na lange tijd toch weer dicht. En de metro reed verder, met de vrouw nog altijd bewusteloos op de grond. Bij het volgende station werd ze voorzichtig naar buiten gedragen door twee mannen. Ik stelde me voor dat het meisje weer bijkwam. Hoe zou dat voelen? Je gaat iets doen wat je misschien elke dag doet. En daarvoor stap je in de metro. Om vervolgens wakker te worden in het ziekenhuis. Wat een afschuwelijke ontdekking zal dat zijn. 
Een paar vrouwen bleven bij haar en de twee mannen renden de metro weer in. De man gespte zijn kind weer op zijn buik, de metro reed verder, en het leek alsof er niets was gebeurd. Een hoopje viezigheid in het gangpad was al wat restte...

vrijdag 19 april 2013

Arglistig als de duiven

Bij onze woning in Praag, zijn wij een dakterras rijk. En nog wel op het zuiden! Wat wil een mens nog meer. Duiven misschien?? 


Ik hing eerder deze week de was op, en een interessante geur drong mijn neusgaten binnen. Het had nog het meest weg van hoe een kippenhok ruikt. Het zal toch niet waar zijn! Zou eindelijk mijn droom in vervulling gaan? Zou ik eindelijk kippen gaan houden? En dan dagelijks een vers eitje? Maar even later drong er een interessant gelúíd mijn óren binnen. Gepiep van jewelste. En kort daarop een geruststellend gekoer. Helaas, geen kippen. Onder het schuine dak van ons huis bevindt zich een duivennest. Wat een slimme zet van die duif om daar het nest te bouwen! Een veiliger plek lijkt me niet denkbaar. Zelfs een kat kan er niet komen! Het is nog vroeg in het voorjaar, maar hier wordt al volop gekraamd. Heel leuk natuurlijk om daar getuige van te zijn. Vooral ook omdat we er niet uit hoeven voor de nachtvoeding enzo. Alleen de geur, ja daar worden we niet meteen enthousiast van. Ik las ergens dat stadsduiven 7-9 legsels per jaar hebben. Waarschijnlijk kunnen we nog een hoop gepiep en gekoer verwachten. En van het pluimvee-odeur zijn ook voorlopig nog niet verlost!

zaterdag 13 april 2013

Brood daar zit wat in!

Het brood dat we tot nu toe in Praag hebben gegeten, is niet wat we er van hoopten. We zijn nog op zoek naar lekker brood. Maar for the sake of our sustenance nu maar even zelf aan de slag gegaan.

donderdag 11 april 2013

Vermoeide reizigers



   
                         
Travellers of Irish heritage. Toen we in januari onze kinderen in Engeland naar school brachten, moesten we een formulier invullen over hun ethnical background. Een van de mogelijkheden was: Traveller of Irish heritage. Achteraf gezien was dat misschien de optie die de realiteit nog het dichtst benaderde. Na al die maanden zonder vaste woon- of verblijfplaats voelen we ons inmiddels wel travellers of Dútch heritage. Onze blauwe trouwe brik voerde ons herwaarts en derwaarts. Nooit sputterde hij tegen of gaf hij er de brui aan. En op miraculeuze wijze paste onze, met elke tussenstop gestaag groeiende, bagage nog altijd in de auto. Hulde aan Leendert, die het onmogelijke mogelijk maakte. Elke keer weer puzzelde hij ons hele hebben en houden, al dan niet gevacuumeerd, met uiterste precisie in de auto.

Het was een prachtige reis, die we als gezin hebben gemaakt.  We hebben veel gezien en geleerd onderweg naar Praag. Vele hoogtepunten, maar ook dieptepunten, zowel letterlijk als figuurlijk. Ervaringen die we niet hadden willen missen.
En toch is het na 3,5 maand wel bijna welletjes. Inmiddels verblijven we op het vierde adres sinds we ons huis in december verlieten. Nog één etappe te gaan en dan strijken we neer in Praag 2. Aanstaande maandag rijdt de langverwachte vrachtauto met onze spulletjes voor. Het lijkt ons heerlijk om ons vanaf volgende week weer  te gaan settelen. We hebben alvast een stofzuiger gekocht!