vrijdag 31 mei 2013

Ons bestaan gestempeld

EU-burgers zijn wij. Dat betekent dat je geen bureaucratisch gedoe hebt met verblijfsvergunningen enzo, als je binnen de EU verhuist. Ja, dat dachten wij ook! Nu is dat technisch gesproken wel zo, maar als je hier meer wilt dan alleen in je huis wonen, dan moet je tóch een verblijfsvergunning. Het is namelijk een soort domino. Als je een parking permit wilt om je auto in de straat te mogen parkeren, moet je een Tsjechische nummerplaat hebben. En als je je auto wilt importeren, teneinde een Tsjechische nummerplaat te verkrijgen, moet je een residence permit hebben. En voor een residence permit heb je dan weer een arbeidscontract nodig. Kortom, meer papierwerk dan we leuk vinden. En we zijn er voorlopig nog niet klaar mee. En sowieso bleek dat we ons binnen 30 dagen na aankomst hadden moeten laten registreren….. Wat een gedoe zeg. Maar Pavel hielp ons door het papierwerk heen en begeleidde ons naar de vreemdelingenpolitie. Hij fungeerde ook als onze tolk. Want bij de vreemdelingenpolitie spreken ze, reuze handig, geen Engels.
Ok, tis geen agent, maar een soldaat. maar wel een Tsjechisch...
We vulden alles in en zetten her en der wat handtekeningen. Omdat Chaja bij ons was moesten we haar ook registreren. Maar Jesse hoefde niet geregistreerd, want hij was er niet bij. Ja op zich is het natuurlijk totaal niet nodig dat we het ook nog snappen. 
We trokken een nummertje en zetten ons in de wacht. En niet eens zo gek veel later waren we al aan de beurt. We werden een kamertje binnengeloodst waar een agent achter een bureau zat. Hij zag er echt agentachtig uit. Eigenlijk een beetje zoals ik me veldwachter Zwart in de Kameleon altijd voorstelde. Indrukwekkende epauletten met een hoop sterren erop. Verder op zijn mouwen nog een paar glimmende sterren. En om het geheel te completeren een prachtig glanzend exemplaar, hangend op zijn borst. Hij had doordringende blauwe ogen en een strenge snor. Met een gezichtsuitdrukking die daarbij paste. We mochten gaan zitten en de man bekeek met een ondoorgrondelijk gezicht onze papieren. Ik had een goed uitzicht op zijn handen, dus die heb ik toen maar es aandachtig bestudeerd. Die handen waren naar mijn idee heel geschikt voor een houthakker, of om een onwillig schaap mee in de houdgreep te nemen voor de jaarlijkse scheerbeurt. Maar goed, op één of andere manier was hij tóch achter een computer terechtgekomen. En daar móést hij dus ook iets mee. Dus hij toog aan het typen. Of eigenlijk tóch hakken. Met één vinger gaat dat best langzaam, dus tijd genoeg voor verdere observaties. Het kantoor was kaal en wit en er stond behalve het benodigde meubilair niks in.Op de tafel naast de agent stond een heel regiment stempels indrukwekkend te zijn. En ik vroeg me af welke ervan allemaal gebruikt zouden worden om ons legaal in dit land te doen zijn. De man vroeg sinds wanneer we in Tsjechië waren. En Leendert antwoordde geheel naar waarheid dat dat 2 april was. Onze tolk vertaalde dat met: "De 2e". Waarop de man 2 mei invulde. Geprogrammeerd op die dertig dagen waarschijnlijk. Maar goed, een hoop typewerk, en diverse stempels later, sprak de man de verlossende woorden: “To je všechno.” Nou, als dat dan alles is, dan gaan we maar!!”

Geen opmerkingen:

Een reactie posten