zaterdag 9 november 2013

Marta en de Praagse bolus.

Marta's stinkstraatje

In de straat loopt een vrouw. Ze heet waarschijnlijk Martha, want ze bezemt. Ze is een kleine vrouw met donker krulhaar. Er ontbreken een paar tanden in haar mond, maar dat geeft niet want er zijn er nog genoeg over om bloot te lachen als dat zo es te pas mocht komen. Trouwens, zoveel reden om te lachen is er tóch niet. Ze woont in Vinohrady. Dat is een van de rijkste wijken van Praag, maar dat zou je niet denken als je door het straatje van Marta loopt. Het is een stinkstraatje. De mensen in Praag houden van honden. Grote honden in kleine appartementen. Die honden ziet ze vaak uitgelaten worden door hun bazen. Gewoon in de straat. Ze moet vaak slalommen om de hondendrollen. Bolussen in alle maten. En de stoep is doorgaans versierd met een patroon van evenwijdige streepjes opgedroogde urine. Vooral in de zomer als het warm is, is Marta niet blij. Want dan stijgen er geuren op van de streepjes. Maar na een regenbui zijn de streepjes altijd weer een tijdje weg. Nee regen is zo erg nog niet. Ondertussen smijten mensen ook van alles op de straat. Papiertjes, zakjes, plastic flesjes en nog veel meer. En dat veegt Marta nu bij elkaar. Nee dat is allemaal niet om te lachen.

Daar ziet Marta een vrouw aankomen, die bij haar in de straat woont. De vrouw houdt haar blik op de stoep gericht. Aan het veranderen van haar gelaatsuitdrukking kan Marta zien, dat de vrouw de enorme drol heeft gesignaleerd, die er sinds vanmorgen ligt.  Ze loopt er met een wijde boog omheen. Marta roept haar toe: “Wat smerig toch weer hè?! Die wil ik niet aan mijn bezem hebben!” De vrouw kijkt haar schaapachtig aan. En een seconde later begrijpt Marta waarom. De vrouw is niet van hier. Ze verstaat geen Tsjechisch. Nu ze erover nadenkt, heeft ze die vrouw ook wel eens zien zitten in een auto met een gele nummerplaat. De vrouw lacht naar haar. Ze bedankt Marta in gebroken Tsjechisch voor het vegen van de straat. Dat begreep Marta er wel uit en een brede grijns kwam op haar gezicht. Ze veegde glimlachend verder. Toen de vrouw bij de hoek van de straat nog even omkeek, zag ze het nog net. Met een grote glimlach wurmde Marta al het bij elkaar geveegde plastic vuilnis door de spijlen van het afvoerputje. Zo. Ook weer geregeld.

En die drol? Die ligt er nog wel een tijdje. Hij verschrompelt elke dag een beetje meer. En na elke regenbui groeit hij weer wat….

1 opmerking:

  1. Herkenbaar wat je schrijft, wij hebben dat als wwe in Roemenië zijn op een andere manier dan wel . Wij kunnen ons een beetje verstaanbaar maken als het niet te snel gaat en in het Roemeens een simpel gesprek voeren. Maar ik denk dat jullie dit wel herkennen het gaat als een waterval over je heen de taal ;). Op het dorp waar wij komen zijn er naast ons nog en stel buitenlanders en vooral in het begin waren we een '' vreemde eend'' in de gemeenschap. Ook in de straat waar ons huis is vonden ze ons in het begin anders , want je komt uit het ''rijke'' westen . Wij zijn jaren geleden samen naar Praag geweest wat een schitterende stad. Zoveel mooie oude gebouwen . Net als in Roemenië , ook daar zie je vrouwen de straten vegen en met een takken bezem en container lopen. Onder de straatkinderen merken we ook hoe het geloof daar leeft , zo bijzonder als ze spontaan voor je beginnen te bidden en te zingen . Ik las namelijk jullie nieuwsbrieven en verdere info. Kan alleen maar zeggen veel bewondering en respect voor wat jullie doen .

    BeantwoordenVerwijderen