donderdag 22 oktober 2015

“We left in peace too”


Kerken. Zodra we er eentje in het oog krijgen waarvan de deur niet op slot zit moeten we er altijd even naar binnen. Zo ook afgelopen zaterdag. We waren in het Duitse Ostheim, voor ons jaarlijkse familieweekend.  En een van de mooiere gebouwen in Ostheim is een oude kerkburcht. Met zijn elven stapten we daar binnen. Naast het mooie interieur bevond er zich ook een gastenboek in de kerk. Daar loop ik persoonlijk altijd aan voorbij, maar toen ik mijn ogen door de kerk liet dwalen, zag ik een van mijn kinderen er verwoed in schrijven. Toen ik het gastboek voor de tweede keer passeerde, besloot ik er even in te spieken. En daar stond in een bekend handschrift geschreven: 



En dan de namen van de aanwezige familieleden. Nu, dat klopte. Geen onvertogen woord gevallen tot aan dat moment van schrijven. O wacht, het kind had er nog iets aan toegevoegd: 
Ook dat was waar. Het was nog steeds pais en vree toen we het gebouw weer verlieten. De kerk heeft bewezen niet altijd een bron van twist te zijn. Dat is mooi, want dat is wel eens anders. Hoewel misschien niet de kerk zelf de oorzaak van onmin is, wordt er vaak genoeg door haar leden om haar gevochten. En dat is niet iets om trots op te zijn. Integendeel. Prettig dus dat het deze zaterdag goed ging.

Een dag later. Zelfde kerk, zelfde familie, zelfde gastenboek. Na ons hadden nog meer mensen de kerk bezocht zo te zien. Welke bagage hadden ze meegebracht? Misschien wel een rugzak vol herfstbladeren en problemen. Waren ze met een hoofd vol zorgen en problemen in een kerkbank neergestreken? Zo waren ze in ieder geval niet vertrokken. Want onder de boodschap van mijn kind prijkte het volgende: “We didn’t come in peace. But we changed our mind.” Dat ontlokte een brede glimlach aan mijn kind. Dat zijn vredeboodschap zo inspirerend zou zijn had hij niet verwacht. Eigenlijk nog meer reden tot vreugde. Niet alleen was de kerk geen bron van twist geweest, zij had zelfs aangemoedigd tot verandering ten goede.

En ik? Ik droom nu. Van de wereldwijde Kerk die op alle fronten zoveel mogelijk hetzelfde doet. Het lichaam van Christus. Dat zij daar waar zij in deze boze wereld haar gezicht laat zien, niet alleen geen aanleiding tot ruzie zal geven, maar vooral ook dat zij een bron en een aanmoediging van vrede zal zijn. Want dat doet er volgens Jezus toe: “Zalig zijn de vredestichters.”